Gideon was uit de stam van Manasse. Dat was de oudste zoon van Jozef, die niet de grootste zegen ontving, want die ging naar Efraïm (Gen. 48:17-19). Bovendien kwam Gideon uit een familie die de geringste was binnen deze stam, en was hij binnen het huis van zijn vader de jongste. Maar in de Schrift zien juist we dat het eerstgeboorterecht niet naar de oudste, maar naar de jongere gaat.
Richteren 6
16 En JAHWEH zei tot hem: Ik ben met jou, daarom zal jij Midian verslaan als één man.
als één man
God zegt tegen Gideon dat zijn geringe afkomst er niet toe doet, het enige dat telt, is dat God met hem is. De uitspraak dat Gideon de Midianieten zal verslaan als één man, kan op meerdere manieren worden opgevat. Gideon zou de Midianieten verslaan als geheel, zo komen we de uitdrukking ook enkele keren tegen in de Schrift (onder andere Num.14:15; Richt.20:1,8). De nadruk ligt dan op de volkomenheid van de overwinning: de vijand zal in zijn geheel worden verslagen, zonder dat er iemand ontkomt. Een hoofdstuk verder lezen we dat de Israëlieten hun vijanden najagen en ook hun vorsten gevangen nemen en doden (7:22-25).
Ik ben met jou
Maar zou het als één man ook niet wijzen, op de uitspraak van God: “IK ben met jou”. Gideon verslaat de vijand, omdat het de Ene God is, die met hem is. Ten diepste is Gideon een uitbeelding van Jezus Christus, waarvan de Heer zegt: Ik en de Vader, wij zijn één (Joh.10:30). Christus is de afbeelding van de onzichtbare God (Kol.1:15). Hij is de Man, waardoor God de wereld in rechtvaardigheid zal oordelen (Hand.17:31). Gideon treedt op als verlosser van Israël en is een uitbeelding van Christus.
Christus en de ecclesia
Later zullen we nog zien dat Gideon de vijand verslaat met een gezelschap van 300 mannen en dat die mannen delen in de overwinning die God aan Gideon geeft. Zij zien op Gideon en doen als hem. Zij zijn “één man met Gideon”. Het spreekt van de eenheid van Christus en Zijn ecclesia.