9. Filemon :7 Paulus bemoedigd

Paulus had in zijn gevangenschap gehoord van de liefde en het geloof van Filemon en dat stemde hem tot dankbaarheid. In zijn gebeden dankte hij God altijd voor Filemon (:4). In vers 1 zagen we al dat Paulus Filemon onze medewerker noemt. Hij zag hem dus als iemand die naast hem stond in zijn arbeid.

Filemon (naar ISA)
7 Want ik had veel vreugde en bemoediging over jouw liefde, omdat de innerlijke gevoelens van de heiligen door jou tot rust gekomen zijn, broeder!

genade → danken → vreugde
In het Nederlands zien we het nauwelijks, maar in het Grieks klinkt er een opvallende samenhang tussen de woorden die Paulus in deze eerste verzen gebruikt: genade (charis, :3), danken (eucharisteō, :4) en vreugde (chara, :7).

Het tekent ook een prachtige inhoudelijke lijn. Wie beseft wat genade is, heeft alle reden om God te danken en dat geeft vreugde.

Dat zien we keer op keer in de brieven van Paulus. Zijn vreugde was niet afhankelijk van gunstige omstandigheden. Op het moment dat hij deze brief schreef, was hij immers een gevangene. Toch spreekt hij over “veel vreugde”.

bemoediging voor Paulus
Filemons liefde was voor Paulus een bron van vreugde en bemoediging. Paulus had in zijn bediening met veel strijd en tegenstand te maken. Hoe bemoedigend moet het voor hem zijn geweest om te horen dat een medegelovige en medewerker als Filemon anderen tot zegen was.

Paulus zegt dat “de innerlijke gevoelens van de heiligen” door Filemon tot rust waren gekomen. Het woord dat hier wordt gebruikt voor tot rust komen is anapauō: rust geven, verkwikken.

Filemon was dus iemand bij wie de heiligen als het ware op adem konden komen. Zijn liefde bleef niet bij woorden, maar had een praktische uitwerking in het leven van andere gelovigen. Dat sluit direct aan bij wat Paulus in het vorige vers zei: de gemeenschap van Filemons geloof was werkzaam (:6).

verkwikken
Opvallend is dat Paulus later in de brief hetzelfde woord opnieuw gebruikt. Nadat hij Filemon heeft gevraagd Onesimus te ontvangen, zegt hij:

Filemon (naar ISA)
20 Ja, broeder, laat mij voordeel van jou hebben in de Heer; verkwik mijn innerlijke gevoelens in Christus.

Wat Filemon blijkbaar al voor de heiligen deed, vraagt Paulus hem nu ook voor hemzelf te doen. En de aanleiding is Onesimus.

Daarmee krijgt vers 7 een belangrijke plaats in het betoog van de brief. Paulus prijst Filemon niet zomaar om zijn liefde. Hij zal juist op die liefde een beroep doen. Filemon had de heiligen verkwikt; nu krijgt hij de gelegenheid om diezelfde liefde ook aan Onesimus te bewijzen.