2. afstand nemen volgens Paulus: indien dan iemand zichzelf van dezen uitzuivert

In de vorige blog zagen we dat Paulus Timotheüs oproept: “keer je ook van dezen af” (2 Tim. 3:5). Dat is een duidelijke oproep. Maar waarom is dat eigenlijk nodig? Is afstand nemen een doel op zichzelf? In 2 Timotheüs 2 geeft Paulus zelf het antwoord. Hij laat zien dat het niet gaat om het veroordelen van anderen, maar om de vraag of wij bruikbaar zijn voor de Heer.

2 Timotheüs 2 ISA
19 Niettemin, het vaste fundament van God staat, hebbende dit zegel: De Heer kent de zijnen, en: Laat een ieder, die de naam van de Heer noemt, afstand nemen van de onrechtvaardigheid.
20 Maar in een groot huis zijn niet alleen gouden en zilveren voorwerpen, maar ook van hout en van aardewerk; en sommige zijn tot eer, andere tot oneer.
21 Indien dan iemand zichzelf van dezen uitzuivert, zal hij een voorwerp zijn tot eer, geheiligd, zeer bruikbaar voor de Eigenaar, tot elk goed werk gereed.

het vaste fundament van God
Voordat Paulus spreekt over het grote huis, legt hij eerst een fundament. Hij heeft zojuist gewaarschuwd voor dwaalleraars die de waarheid verdraaien en het geloof van sommigen omverwerpen (vers 18).

Al tijdens Paulus’ leven hadden velen zich van hem en zijn boodschap afgekeerd (2 Tim. 1:15). De christenheid was al in verval geraakt. Paulus verwacht niet dat dit zich zal herstellen. Integendeel, hij kondigt aan dat het steeds verder zal ontsporen. De waarheid zal worden ingeruild voor menselijke leringen en wat overblijft is een geestelijke ruïne. Timotheüs krijgt daarom niet de opdracht die ruïne te herbouwen, maar zichzelf eruit te zuiveren, zodat hij een vat tot eer wordt, bruikbaar voor de Eigenaar.

“Niettemin, het vaste fundament van God staat”.

Mensen kunnen afdwalen en Gods waarheid verlaten, maar Gods werk blijft onaantastbaar. De Heer weet wie werkelijk van Hem zijn. Paulus onderbouwt dit met twee uitspraken uit de geschiedenis van Korach, Dathan en Abiram (Numeri 16). Toen zij tegen Mozes en Aäron in opstand kwamen, zei Mozes:

“De Heer kent degenen die van Hem zijn”.

Korach en zijn medestanders waren geen atheïsten. Zij dienden dezelfde God als Mozes. Maar zij verwierpen de plaats die God aan Mozes en Aäron had gegeven en wilden zelf het priesterschap opeisen. Daarmee stelden zij hun eigen religieuze orde tegenover de ordening die God had ingesteld.

afstand nemen
Voordat God hen oordeelde, kreeg het volk de opdracht zich van hen af te zonderen. Zij moesten hun tenten verlaten en afstand nemen van deze mannen. Juist daarop doelt Paulus wanneer hij schrijft:

“Laat een ieder, die de naam van de Heer noemt, afstand nemen van de onrechtvaardigheid.”

Dat is de lijn die hij in deze brief verder uitwerkt. Niet deelnemen aan dwaling, maar er afstand van nemen. Vanuit die gedachte vervolgt Paulus met het beeld van het grote huis.

een groot huis
Paulus vergelijkt de situatie van het christendom met een groot huis. Dit huis staat in contrast met het huis van God, dit is de ecclesia van de levende God, steunpilaar en basis van waarheid (1 Tim. 3:15).

In dit grote huis staan allerlei voorwerpen. Sommige zijn gemaakt van goud of zilver en hebben een eervolle bestemming. Andere zijn van hout of aardewerk en worden voor minder eervolle doeleinden gebruikt.

Het beeld maakt duidelijk dat binnen het christendom waarheid en dwaling naast elkaar voorkomen. Niet alles wat christelijk heet, is daarom ook tot eer van God. Paulus had Timotheüs al gewaarschuwd dat velen van de gezonde woorden zouden afwijken en dat het verval alleen maar zou toenemen. Tegen die achtergrond spreekt hij over een groot huis waarin verschillende soorten voorwerpen naast elkaar aanwezig zijn.

zuiver jezelf
Opvallend is dat Paulus Timotheüs niet opdraagt het grote huis schoon te maken. Hij zegt ook niet dat hij alle voorwerpen tot oneer moet verwijderen. De oproep is persoonlijk:

“Indien dan iemand zichzelf van dezen uitzuivert…”

De verantwoordelijkheid ligt niet bij anderen, maar bij jezelf. Paulus roept Timotheüs niet op de christenheid te zuiveren, maar zichzelf eruit te zuiveren. Het gaat niet om het veranderen van het systeem, maar om trouw aan de waarheid.

Het werkwoord dat Paulus gebruikt is krachtig. Het betekent zichzelf grondig reinigen of uitzuiveren. Niet een beetje afstand houden, maar zich losmaken van datgene wat in strijd is met de waarheid.

Dat sluit naadloos aan bij de oproep die we in de vorige blog zagen: “keer je ook van dezen af.” Paulus zoekt geen compromis. Hij roept op tot een duidelijke keuze.

een vat tot eer
Daarmee zijn we direct bij het doel van deze verzen. Paulus zegt niet dat iemand zich moet afzonderen om zichzelf beter te voelen of om boven anderen te staan. Integendeel. Hij noemt vier positieve gevolgen van dit “uitzuiveren”:

– een vat tot eer
– geheiligd
– bruikbaar voor de Eigenaar
– tot elk goed werk gereed

Dat is waar het Paulus om gaat. Wie zich losmaakt van dwaling en zich houdt aan de gezonde leer, wordt een bruikbaar instrument in Gods hand. Niet de afzondering staat centraal, maar de bruikbaarheid.

Dat sluit ook aan bij de lijn van de hele brief. Paulus probeert het verval niet tegen te houden. Dat is volgens hem onafwendbaar. Wel roept hij Timotheüs op om te midden van dat verval trouw te blijven aan het Woord en zich daardoor te laten gebruiken door de Heer.

niet alleen vluchten, maar ook najagen
Daar blijft Paulus niet staan. Hij vervolgt:

22 Maar vlucht van de jeugdige begeerten, maar jaag rechtvaardigheid, geloof, liefde en vrede na, met hen die de Heer aanroepen uit een rein hart.

Dat is kenmerkend voor Paulus. Hij zegt niet alleen waarvan Timotheüs afstand moet nemen, maar ook waarop hij zich dient te richten.

Het leven van een gelovige bestaat niet alleen uit het afwijzen van het verkeerde. Het is vooral gericht op het najagen van dat wat goed is. Rechtvaardigheid, geloof, liefde en vrede kenmerken iemand die bruikbaar wil zijn voor zijn Heer.

Opvallend is ook dat Paulus dit niet als een individuele opdracht neerzet. Hij voegt eraan toe: “met hen die de Heer aanroepen uit een rein hart.” Er zijn dus meerderen die dezelfde weg willen gaan. Niet de massa staat centraal, maar degenen die in oprechtheid vasthouden aan Gods Woord. Juist tot zulke gelovigen richt Paulus zijn laatste brief.

Paulus roept Timotheüs niet op het christendom te herstellen, maar zichzelf eruit te zuiveren. Juist door trouw te blijven aan de waarheid wordt hij een vat tot eer, bruikbaar voor de Eigenaar.