In de vorige blog zagen we dat “een boodschapper van JAHWEH” tot Gideon kwam en zich zette onder de eik van zijn vader Joas in Ofra. De eik heeft alles te maken met de beloften die God aan de Abraham, Izak en Jakob heeft gegeven. Ofra is een plaats die op een steenworp afstand ligt van Sichem, een stad die een grote rol speelt in het leven van de aartsvaders. Ook Sichem bepaalt ons bij Gods beloften en ook daar vinden we dikwijls eiken (Gen.12:6; 14:13; 35:4; Joz.24:25-26).
In deze verzen maken we kennis met Gideon, die een voorafschaduwing is van Christus. Meteen bij zijn roeping vinden we veel details die ons bepalen bij de opgewekte Christus.
Richteren 6
11 En de boodschapper van JAHWEH kwam en hij zat onder de eik die in Ofra is, die van Joas was, de Abi-Ezriet. En Gideon, zijn zoon, was tarwe aan het uitkloppen in de wijnpers, om het voor de Midianieten veilig te stellen.
betekenis van de namen
Joas betekent: JAHWEH heeft gegeven en Abiëzer betekent: Mijn Vader is hulp. Beide namen richten onze blik op de Heere Jezus Christus: Hij is van God gegeven en in alles vertrouwde Hij op Zijn Vader. De naam Gideon betekent hakker (houthakker) of veller. Het verwijst naar zijn latere daad in Richteren 6:25.
tarweoogst
Gideon was tarwe aan het uitkloppen in de wijnpers. Dat betekent dat deze geschiedenis zich afspeelt rond de tijd van de tarweoogst. In Leviticus 23 vinden we zeven hoogtijden van JAHWEH. De eerste drie hoogtijden zijn vervuld in de eerste komst van Christus, de laatste drie zullen worden vervuld bij Zijn wederkomst. Daartussenin ligt Pinksteren, ook wel het Wekenfeest genoemd, waarbij de eerstelingen van de tarweoogst werden verzameld (Ex.23:16). In beeld verwijst dit feest naar de tijd tussen de eerste en tweede komst van Christus. Zoals we eerder zagen, is dit de periode waar het hele boek Richteren typologisch over handelt.
wijnpers
De wijnpers is niet de normale plek om tarwe uit te kloppen en waarom Gideon het daar deed, staat erachter. Hij wilde de tarwe veilig stellen voor de Midianieten. Bij het uitkloppen van tarwe, ook wel “dorsen” genoemd, worden de graankorrels losgemaakt uit de aren. Dit gebeurt door op de halmen te slaan of door ze te vertreden. Normaliter werd dit gedaan op een dorsvloer. Op de betekenis hiervan zullen we later nog terugkomen, omdat Gideon een teken van God vraagt op de dorsvloer (Richt.6:36-40).
van lijden tot heerlijkheid
Van tarwe wordt brood gemaakt en dat is een beeld van het woord van God (Deut.8:3; Matth.4:4) en ten diepste van Christus (Joh.1:14; Opb.19:13). Het proces van dorsen spreekt van het lijden dat Hij onderging (Jes.53:5), om “het brood des levens” te worden (Joh.6:48) en onvergankelijk leven aan het licht te brengen voor alle mensen (1 Kor.15:22; 2 Tim.1:10).
wijn
Gideon heeft zich verborgen in de wijnpers. Normaal gesproken wordt in de wijnpers geen tarwe gedorst, maar worden druiven vertrapt en vermalen. Het druivensap wordt opgevangen en werd vanouds opgeslagen in eikenhouten vaten. Daarna werd het in de kelder, onder de grond, gelegd en vond het gistingsproces plaats. Als het enige tijd later uit de kelder kwam, was het druivensap geestrijk vocht geworden: wijn – een uitbeelding van nieuw leven. In dit proces herkennen we het lijden, de dood en opstanding van Christus. Gideon is een type van de opgewekte Christus.
Melchizedek
In deze geschiedenis, waarin Gideon wordt aangewezen als de verlosser van Israël, komen brood en wijn naar voren. Dat herinnert ons aan Melchizedek, “die brood en wijn voortbracht” (Gen.14:18). De schrijver van de Hebreeënbrief legt uit dat Melchizedek een voorafschaduwing is van de opgewekte Christus, die Hogepriester is naar de ordening van Melchizedek (Hebr.5:6,10; 7:17). Het brood en de wijn die Melchizedek meebracht, wijzen heen naar het nieuwe leven dat Christus schenkt.
Zo ook in deze geschiedenis van Gideon. Hij is een type van de ware Verlosser: Jezus Christus. Alle details getuigen van Hem: tarwe en de wijnpers, brood en wijn, maar ook de boodschapper van JAHWEH, zoals we nog zullen zien.