David in Adullam

Koning David is een schitterend type van Christus, de Zoon van David. Bij de geboorte van Jezus wordt dan ook al aangekondigd dat Hij de troon van Zijn vader David zou ontvangen (Luk. 1:32). Dat zal in de nabije toekomst vervuld worden. Nu vinden we Hem niet op die troon, maar wij kennen Hem wel als de Christus, wat het Griekse woord is voor het Hebreeuwse Messias. En dat betekent Gezalfde.

Wij leven dus in een tijd waarin Hij de Gezalfde is, maar nog niet de koning. Zo’n periode kende David ook. We lezen al in 1 Sam. 16:13 dat David gezalfd wordt tot koning, maar hij regeert dan nog niet over Israël, dat zou nog een tijd duren. In 2 Sam. 5:4 vinden we beschreven dat David koning wordt. In de tussentijd regeerde Saul, maar was David wel de Gezalfde.

David en zijn gezelschap
Hoewel je ook kunt zeggen dat hij wel regeerde, maar niet over Israël. We vinden namelijk iets bijzonders met betrekking tot David. David moest vluchten en zich verbergen voor Saul, maar hij was daarin niet alleen:

1 Samuël 22
1 David ging vandaar weg en ontkwam naar de spelonk van Adullam. Toen zijn broeders en zijn gehele familie dit hoorden, kwamen zij daar bij hem.
2 Ook voegde zich bij hem ieder die in moeilijkheden verkeerde, ieder die een schuldeiser had, ieder die verbitterd was, en hij werd hun aanvoerder. Zij waren met hem, ongeveer vierhonderd man.

Adullam
David verbleef met zijn gezelschap in Adullam. Dat is een prachtige voorafschaduwing van onze huidige tijd. Christus is verborgen, maar Hij verzamelt een gezelschap. Adullam heeft te maken met het Hebreeuwse olam, wat verborgen betekent. De spelonk is een schuilplaats in de rots, wat ook een beeld van Christus is en het is een ondergrondse (verborgen) verstopplek. David werd immers gezocht en vervolgd door Saul. In het nieuwe testament vinden we dan ook een Saul-us, die de ecclesia vervolgde….

Thaf
Vierhonderd is de getalswaarde van de Hebreeuwse letter Thaf. De betekenis van de Thaf is kruis. Deze vierhonderd mannen waren bij David, zoals wij bij Christus horen, op basis van het kruis.

Ook de beschrijving van degenen die tot David kwamen, sluit aan bij hoe we de gelovigen van de ecclesia beschreven vinden:

1 Korinthe 1
26 Want kijk naar jullie roeping, broeders: niet vele wijzen naar het vlees, niet vele machtigen, niet vele edelen.
27 Maar God kiest het dwaze van de wereld uit, om de wijzen te schande te maken, en God kiest het zwakke van de wereld uit, om het sterke te schande te maken,
28 en God kiest het onedele van de wereld uit, en het geminachte, en dat, wat niets is, opdat Hij dat, wat is, af zou danken,
29 zodat geen enkel vlees zich zal beroemen voor God.

Wij leven nu verborgen met Christus en delen in Zijn vernedering. Net als de mannen die tot David kwamen. Maar wij zullen met Christus geopenbaard worden in heerlijkheid (Kol. 3:4) en delen in alle beloften die aan Hem gedaan zijn (Ef. 3:6).

Davids helden
Dit zien we ook terug in de geschiedenis van David. Boven de perikoop die aanvangt in 2 Sam. 23:8 staat in de Statenvertaling Davids helden. Over veel van deze mannen is verder niets bekend, maar een aantal worden er specifiek met Adullam in verband gebracht (2 Sam. 2313). Hier wordt beschreven hoe degenen die ooit deelden in zijn vernedering en met hem waren in Adullam, werden aangesteld als helden of machtige mannen en hoge plaatsen kregen aan het hof van Davids regering. Zij bouwden met David aan zijn koninkrijk (1 Kron. 11:1).

Zo zullen ook wij, als lichaam van Christus, straks met ons Hoofd delen in de onderwerping van heel de schepping (Ef. 1:22)!