Een van de bekendste gedeelten over afstand nemen vinden we in 1 Korinthe 5. Juist dit hoofdstuk wordt vaak gebruikt als onderbouwing voor kerkelijke tucht. Daarom is het belangrijk nauwkeurig te lezen wat Paulus hier daadwerkelijk schrijft.
een uitzonderlijke situatie
Paulus begint zijn betoog met de beschrijving van een ernstige situatie.
1 Korinthe 5 ISA
1 Om kort te gaan, het wordt gehoord dat er ontucht onder jullie is, en een zodanige ontucht die zelfs niet onder de natiën wordt genoemd, namelijk dat iemand de vrouw van zijn vader heeft.
Het woord “ontucht” wordt in de meeste vertalingen weergegeven met “hoererij” (Grieks: porneia). Dat is seksuele gemeenschap met een ander dan de eigen man of vrouw.
Het gaat niet om een misstap of een zonde waarin iemand is gevallen. Paulus spreekt over iemand die een verhouding heeft met de vrouw van zijn vader, waarschijnlijk zijn stiefmoeder. Zelfs onder de heidenen gold zo’n relatie als onaanvaardbaar.
opgeblazen
Opmerkelijk is dat Paulus zijn verwijt niet tot de man richt, maar tot de ecclesia. Hij noemt de man zelfs nergens bij naam. Zijn aandacht gaat niet uit naar de persoon, maar naar de situatie en vooral naar de houding van de ecclesia.
2 En jullie zijn opgeblazen? En rouwen jullie niet liever? Opdat degene die dit werk verricht, uit jullie midden zal worden weggenomen?
De Korinthiërs waren niet bedroefd over wat er gebeurde, maar waren opgeblazen. Het woord “opgeblazen” kwamen we al eerder in de brief tegen. Paulus gebruikte het voor hun hoogmoed en hun neiging zich boven elkaar te verheffen (1 Kor. 4:6,18-19). Ook hier ontbreekt de juiste gezindheid. Blijkbaar beschouwden zij hun verdraagzaamheid zelfs als iets om trots op te zijn. Daarom zegt Paulus: “jullie roem is niet goed” (vers 6).
valse leer
Hun opgeblazen houding komt verderop in het hoofdstuk terug in het beeld van het zuurdeeg (1 Kor. 5:6-7). Zij stonden niet in de waarheid en dát was de oorzaak van hun verkeerde gezindheid.
dit werk verricht
Paulus spreekt vervolgens over “degene die dit werk verricht”. Dat is een belangrijk detail. Het Griekse woord heeft de betekenis van iets bedrijven of praktiseren. Paulus spreekt dus niet over iemand die door zwakheid ten val is gekomen, maar over iemand die in deze praktijk volhardt. Dat onderscheid maakt hij elders ook. In Galaten 6 spreekt hij juist over iemand die door een misstap wordt overvallen en die in zachtmoedigheid terechtgebracht moet worden. Hier gaat het om iets anders.
uit jullie midden
Paulus zegt: “opdat degene die dit werk verricht uit jullie midden zal worden weggenomen.” De gangbare vertalingen geven dit verschillend weer:
…uit uw midden te verwijderen (NBG)
…uit uw midden weg te doen (HSV)
…uit het midden van u weggedaan worde (SV)
Opvallend is dat Paulus hier een passieve werkwoordsvorm gebruikt. De Statenvertaling behoudt die grammaticale vorm, terwijl de NBG en de HSV de formulering gemakkelijker laten lezen als een opdracht aan de ecclesia. De nadruk ligt dus niet op wat de Korinthiërs zouden moeten doen, maar op het feit dát deze man uit hun midden zou worden weggenomen. Door de houding van de Korinthiërs kon deze man zich ongestoord in hun midden handhaven.
Paulus roept de Korinthiërs niet op de man van de ledenlijst te schrappen. Zoiets bestond niet eens. Ook roept hij niet op de man uit hun midden te verwijderen. Hij spreekt de Korinthiërs aan op hun opstelling. Als zij zouden rouwen en bedroefd zijn over de situatie in plaats van hun misplaatste trots, dan zou deze man vanzelf uit hun midden worden weggenomen: opdat degene die dit werk verricht, uit jullie midden zal worden weggenomen. In een gezond lichaam worden ongezonde elementen vanzelf uitgezuiverd.
uitzuiveren
Wanneer de ecclesia gezond is, kan zo’n situatie niet blijven bestaan. Iemand die zo’n buitensporige levenswijze praktiseert, zal zich daar uiteindelijk niet thuis voelen of tot inkeer komen. Juist het onderwijs van Paulus zou de ecclesia reinigen. Niet door een organisatorische maatregel, maar doordat de waarheid haar werk doet (vergelijk Efeze 5:25-26).
In de volgende blog staan we stil bij zijn woorden:
“Leveren wij zo iemand over aan de satan”.