Paulus noemt Jezus, bijgenaamd Justus, als derde Joodse medewerker. Samen met Aristarchus en Markus behoort hij tot de gelovigen uit de besnijdenis die Paulus actief ondersteunen in zijn bediening. Tijdens zijn gevangenschap zijn zij hem tot grote troost en bemoediging. Zo laat Paulus zien hoe waardevol trouwe medearbeiders zijn in de verkondiging van het evangelie.