7. de toenmalige wereld, die is vergaan

In de 2e Petrus brief, in het laatste hoofdstuk, spreekt Petrus over de toenmalige wereld die is vergaan, overstroomd door water. Over welke wereld heeft hij het? Sommigen lezen hierin dat er een wereld moet zijn geweest vóór de onze, die is geoordeeld door een watervloed.

gat
Dit zou dan niet gaan over de vloed van Noach, maar over een vloed daarvóór, namelijk tussen Gen. 1:1 en 1:2, want tussen deze twee verzen veronderstelt men een gat. God heeft in (een) begin de hemelen en de aarde geschapen (1:1) en door een vermeend oordeel is de aarde woest en leeg geworden (1:2).

De zes dagen in Genesis 1, die over het algemeen als scheppingsdagen worden gezien, zijn in die visie herscheppingsdagen. God herstelde in deze zes dagen een wereld die Hij eerder geoordeeld en vernietigd had, is de gedachte. Deze theorie wordt de restitutieleer genoemd, vanwege deze dagen van herstel. In het Engels is het bekend als the Gap Theory, vanwege het veronderstelde gat tussen Gen.1:1 en 1:2.

geoordeeld en gered
Eerder in 2 Petrus waarschuwt Petrus voor valse leraren en zegt hij dat er ook valse profeten onder het volk zijn geweest (2:1). Zij zullen geoordeeld worden (2:9), maar de rechtvaardigen zullen worden uitgered. Hij noemt hiervan voorbeelden, zoals Lot werd gered uit Sodom en Gomorra toen deze steden werden geoordeeld (2:6-7). En ook Noach is natuurlijk zo’n voorbeeld.

2 Petrus 2 ISA
5 en Hij de wereld van de begintijd niet spaart, maar de achtste, Noach, de heraut van de rechtvaardigheid, behoedt, wanneer Hij de overstroming over de wereld van de goddelozen brengt.

oorspronkelijke wereld
Het Griekse archaiou kosmou spreekt van de oude wereld, of de wereld van de begintijd. Archaios is verwant aan archē, begin of oorsprong. Petrus spreekt hier dus over de wereld uit de vroegste tijd van de menselijke geschiedenis: de wereld waarin Noach leefde.

geen wereld voor deze
Petrus voert ons hiermee terug naar de wereld van de begintijd en noemt daarbij expliciet Noach en de overstroming. Van een nog eerdere wereld en een nog eerdere watervloed zegt hij niets.

nogmaals
Een hoofdstuk verder, in 2 Petrus 3, spreekt Petrus dan wéér over een oordeel door overstroming van water. Hij doet dit in verband met de parousia van de Heer (:4). Dit wordt meestal vertaald met (weder)komst, maar letterlijk betekent parousia: aanwezigheid.

In “het laatste van de dagen” zouden er spotters komen (:3), die zeggen: waar is de belofte van Zijn aanwezigheid? Want alles blijft zo, zoals het vanaf het begin van de schepping geweest is (:4). Petrus wijst er vervolgens op dat het niet waar is dat alles hetzelfde blijft. God heeft immers wel degelijk ingegrepen en de wereld al eens geoordeeld.

2 Petrus 3 ISA
5 Want willens is dit hun onbekend: dat de hemelen er van oudsher waren, en dat de aarde uit water en door water samen staat, door het woord van God.
6 waardoor de toenmalige wereld verging, overstroomd wordend door het water.

de wereld van de begintijd
Petrus verklaart niet opnieuw wat de toenmalige wereld is. Dat hoeft hij ook niet te doen, want een hoofdstuk eerder heeft hij al gesproken over de wereld van de begintijd die door een overstroming werd geoordeeld, waarbij Noach werd gered (2 Petr. 2:5). Er is geen reden om in hoofdstuk 3 ineens een andere wereld en een andere overstroming te veronderstellen, waarover Petrus nergens spreekt.

Die wereld in de dagen van Noach is geoordeeld en hoewel spotters zeggen dat er niets verandert vanaf het begin van de schepping, zal ook deze huidige wereld geoordeeld worden. Mensen die geen rekening houden met God, zullen Gods gericht niet ontlopen (:7).

Opmerkelijk is dat Jezus, in Mattheüs 24 in “de rede over de laatste dingen”, net als Petrus, ook verwijst naar de dagen van Noach, als Hij spreekt over Zijn parousia.

Mattheüs 24 ISA
37 En net zoals de dagen van Noach, zó zal de aanwezigheid (>parousia) van de Zoon van de mens zijn.
38 Want net zoals zij waren in die dagen, vóór de overstroming, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijken uitgevende, tot op de dag, waarop Noach de ark binnenging, 39 en zij het niet wisten, totdat de overstroming kwam, en allen wegnam,
zó zal ook de aanwezigheid (>parousia) van de Zoon van de mens zijn.

net zoals in de dagen van Noach
De periode die voorafgaat aan de vestiging van het Koninkrijk door de Zoon van de mens, zal zijn als de dagen van Noach. Het grootste deel van de mensheid zal doorgaan met het leven dat zij leiden, zonder zich te bezinnen. Over hen zal een oordeel komen, zoals dat ook in de dagen van Noach kwam en zij zullen geen deel hebben aan het Koninkrijk in de duizend jaar.

weggenomen en gelaten
In de parousia van de Zoon van de mens zal er een wegneming zijn van de ongelovigen, zo wordt in het vervolg van deze verzen beschreven. De onrechtvaardigen zullen van de aarde weggenomen worden (Matth. 13:40-41, 49) en de gelovigen worden gelaten, in de zin van achtergelaten of met rust gelaten (Matth. 24:40-41). Dit laatste moet positief opgevat worden, want op aarde breekt het Koninkrijk aan. De rechtvaardigen worden niet weggenomen van de aarde, omdat zij verduurd hebben tot het einde van de aeon. Zij worden gered, blijven op aarde en gaan de toekomende aeon in (Matth. 24:13), de duizend jaar. De anderen worden geoordeeld en weggenomen net als in de dagen van Noach.

Na de duizend jaar breekt de laatste aeon aan, het tijdperk van de nieuwe hemelen en aarde (Opb.21-22).

Openbaring 21 ISA
1 En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde zijn voorbij gegaan. En de zee, zij is er niet meer.

nieuwe schepping
Johannes onderscheidt de huidige hemel en aarde van de toekomstige nieuwe hemel en aarde en noemt de voorgaande de eerste hemel en de eerste aarde. Ook hier vinden we geen enkele aanwijzing voor nog een eerdere wereld vóór de wereld die in Genesis wordt beschreven.

Een bijbels principe is dat God het eerste wegneemt, opdat Hij het tweede zou doen (vast)staan (Hebr. 10:9). Zo is het ook met deze eerste schepping. Ze zal plaatsmaken voor een nieuwe schepping.