11. Filemon :10-12 geschikt

Onesimus was weggegaan bij zijn eigenaar Filemon en kwam vervolgens bij Paulus terecht. Hoe dat precies is gegaan, vertelt de brief niet. Paulus zat gevangen en ergens tijdens die gevangenschap kwam Onesimus met hem in contact. De uitkomst daarvan vertelt Paulus ons wel.

Filemon (naar ISA)
¹⁰ Ik roep jou op aangaande mijn kind Onesimus, die ik in mijn boeien verwek,
¹¹ die eens voor jou onbruikbaar was, maar nú voor jou en voor mij zeer bruikbaar.
¹² En ik zend hem, dat wil zeggen, mijn innerlijke gevoelens, aan jou terug.

Paulus’ kind
Paulus noemt Onesimus “mijn kind” en voegt eraan toe dat hij hem in zijn boeien heeft verwekt. Bij Onesimus zegt Paulus dus uitdrukkelijk dat hij hem geestelijk heeft verwekt.

Op de een of andere manier was Onesimus tijdens Paulus’ gevangenschap met hem in contact gekomen, hoorde van hem het evangelie en ging geloven. Wellicht kende hij Paulus’ naam al vanuit het huis van Filemon, maar daarover vertelt de Schrift ons niets.

Hoe het ook gegaan is, Paulus laat er geen twijfel over bestaan dat Onesimus door zijn verkondiging een gelovige was geworden. De weggelopen slaaf was nu Paulus’ kind.

Onesimus = bruikbaar
De naam Onesimus is Grieks en betekent bruikbaar, nuttig. Paulus maakt daar in vers 11 een duidelijke woordspeling van. Onesimus — bruikbaar — was eens voor Filemon onbruikbaar, maar was nu voor zowel Filemon als Paulus zeer bruikbaar.

Waarom Onesimus voorheen onbruikbaar was, zegt Paulus niet. Het feit dat hij bij Filemon was weggegaan, zal daarin ongetwijfeld een rol hebben gespeeld. Maar Paulus’ nadruk ligt vooral op het contrast:

eens onbruikbaar — nú zeer bruikbaar.

Er was iets wezenlijks veranderd. Onesimus was gaan geloven.

van onbruikbaar naar bruikbaar
Daarin herkennen we een veel bredere geestelijke waarheid. Paulus zegt over de mens:

Romeinen 3 (naar ISA)
¹² Allen wijken af, tezamen worden zij onbruikbaar…

Maar aan Timotheüs schrijft Paulus over iemand die gereinigd is:

2 Timotheüs 2 (naar ISA)
²¹ Indien iemand zich dan van deze dingen reinigt, zal hij een voorwerp tot eer zijn, geheiligd, bruikbaar voor de Eigenaar, tot elk goed werk gereedgemaakt.

Voor bruikbaar staat daar hetzelfde Griekse woord als in Filemon :11: euchrēstos. Onesimus is daarvan een prachtige illustratie. Eens onbruikbaar, nú bruikbaar.

oude en nieuwe mens
Daarin kunnen we ook een beeld zien van de oude en de nieuwe mens. Wie gaat geloven, is in Christus een nieuwe schepping (2 Kor. 5:17). Paulus spreekt daarom over het afleggen van de oude mens en het aandoen van de nieuwe (Ef. 4:22-24; Kol. 3:9-10). Onesimus was nog steeds dezelfde man die naar Filemon terugkeerde, maar in Christus was alles anders geworden. De eens onbruikbare Onesimus was nu “zeer bruikbaar”.

En daarin zien we ook hoe God een kwade situatie ten goede keert en gebruikt. Onesimus was bij Filemon weggegaan, maar juist langs die weg kwam hij bij Paulus terecht, hoorde het evangelie en ging geloven. Wat verkeerd was gegaan, gebruikte God om iets goeds tot stand te brengen.

mijn innerlijke gevoelens
Paulus stuurt Onesimus nu terug naar Filemon. Maar let op hoe hij hem omschrijft:

“…hem, dat wil zeggen, mijn innerlijke gevoelens…”

Dat is nogal wat. Onesimus was niet eenvoudig een weggelopen slaaf die Paulus terugstuurde naar zijn eigenaar. Hij was Paulus zeer dierbaar geworden. Filemon moest beseffen dat de man die bij hem terugkwam inmiddels nauw verbonden was met Paulus zelf.

Juist dat maakt Paulus’ verzoek zo indringend. Wie Onesimus ontvangt, ontvangt iemand die Paulus na aan het hart ligt.

neem hem aan
In sommige handschriften staat aan het einde van vers 12 nog: “Neem hem bij je!” Die woorden ontbreken echter in belangrijke oude handschriften en zijn waarschijnlijk later aan vers 12 toegevoegd. Mogelijk zijn ze ontleend aan vers 17, waar deze oproep onomstreden staat:

Filemon (naar ISA)
¹⁷ Indien jij mij dan als deelgenoot hebt, neem hem tot je zoals mij.

Daar komt Paulus’ betoog uiteindelijk op uit: Filemon moet Onesimus tot zich nemen. Niet slechts terugnemen als slaaf, maar ontvangen zoals hij Paulus zelf zou ontvangen. Hetzelfde woord, proslambanō, gebruikt Paulus ook in Romeinen 15:

Romeinen 15 (naar ISA)
⁷ Daarom, neem elkaar tot je, zoals ook Christus jullie tot Zich nam, tot heerlijkheid van God.

Dat is uiteindelijk de maatstaf. Filemon wordt gevraagd Onesimus aan te nemen zoals Christus ons heeft aangenomen.

De man die eens onbruikbaar was, keert terug als Paulus’ geliefde kind, als iemand die zeer bruikbaar is en die Filemon mag ontvangen als Paulus zelf.