God laat niet varen de werken van Zijn handen

In veel kerken klinken op zondagochtend deze woorden, of een variant hierop:

“Onze hulp en onze verwachting is in den naam des HEEREN, die hemel en aarde gemaakt heeft. Die trouw houdt tot in eeuwigheid en niet laat varen de werken van Zijn handen”.

Psalmen
Deze schitterende woorden zijn ontleend aan Psalmen, namelijk aan Psalm 124:8 en Psalm 138:8. Beiden Psalmen bezingen de trouw van God en spreken van een God die redt en levend maakt. Op de trouw van die God is onze hulp en verwachting gebaseerd. Deze God is werkelijk God, dat wil zeggen: de Beschikker en Bezitter van alles. Hij is namelijk de Maker van alles, van hemelen en aarde. Of zoals Paulus zegt in:

Handelingen 17
24 Dé God, die de wereld gemaakt heeft en al wat daarin is, die een Heer is van hemel en aarde (…)

Gods trouw is voor de aeon, zegt Psalm 138:8 letterlijk. God blijft trouw aan het woord dat Hij gesproken heeft. Ook als wij ontrouw zijn, zoals Paulus verklaard over het Joodse volk:

Romeinen 3
3 Wat toch is het geval? Als sommigen ontrouw geworden zijn, zal dan hun ontrouw de trouw van God tenietdoen?
4 Volstrekt niet! (…)

Allen
God blijft trouw aan Zijn woord. God is geen mens, dat Hij zou liegen (Num.23:19). Hij is dé God, die de wereld gemaakt heeft. Het is werk van Zijn handen en Hij laat niet varen de werken van Zijn handen. De hele Schrift getuigt hiervan. Al in de Psalmen, zoals Psalm 124 en 138, die spreken over Gods trouw en ook over redding en levendmaking, vinden we woorden verborgen die Paulus later openbaarde: de redding en levendmaking van allen!

1 Timotheüs 4
10 want hierom zwoegen wij en worstelen wij dat wij vertrouwd hebben op de levende God, Die redder is van alle mensen, speciaal van gelovigen.

.

1 Timotheüs 6
13 Ik beveel voor God, die allen levend maakt (…)

.

2 Timotheüs 1
10 (…) onze Redder, Christus Jezus, Die inderdaad de dood teniet doet en onvergankelijk leven aan het licht brengt, door het evangelie.

Redding en levenmaking voor alle mensen. Niet op grond van onze werken, maar op grond van de trouw van God. Hij heeft het beloofd. Het is Zijn schepping en Hij laat niet varen de werken van Zijn handen!