Filemon :18-19 Paulus als middelaar

In het vorige vers zagen we al dat Paulus een beroep doet op de gemeenschap die er is tussen hemzelf en Filemon. Nu Onesimus een gelovige is, behoort hij tot dezelfde eenheid. Paulus roept Filemon op om Onesimus aan te nemen, zoals hij ook Paulus aangenomen heeft (vgl. Rom.15:7).

18 En indien hij jou in iets beschadigd heeft of iets schuldig is, breng dit mij in rekening.
19 Ik, Paulus, ik schrijf het eigenhandig, ik zal het vergoeden, opdat ik niet tot jou zal zeggen dat jij bovendien ook jezelf aan mij verschuldigd bent.

elkaar begenadigen
Paulus gaat verder met zijn nadrukkelijke verzoek aan Filemon. Het was via Paulus dat Filemon een gelovige was geworden. Alles wat Filemon nu was, een nieuwe mens en gezegend in alle geestelijke zegen in de hemel in Christus (Ef.1:3), had hij in zekere zin te danken aan Paulus. De Heer is ons genadig, wat zouden wij dan anders doen dan elkaar ook genadig zijn?

Middelaar
Paulus stelt zichzelf garant voor Onesimus. Zou Onesimus iets ontvreemd hebben van Filemon toen hij wegging? Had hij hem onrecht aangedaan? We weten het niet precies, maar Paulus’ woordkeuze lijkt daar wel op te wijzen. Paulus stelt zich op als middelaar en verzekerd aan Filemon dat hij alles zal betalen of vergoeden wat Onesimus heeft gedaan. Ook hierin is Paulus een uitbeelding van Christus.

1 Timotheüs 2
5 Want er is één God en één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus, 6 die zichzelf geeft tot een losprijs voor allen (…)